Quotum voor topvrouwen: Prima, maar hoe zit het met de rest van ons?

Vandaag in het nieuws: een verplicht vrouwenquotum (30%) voor de top van het Nederlandse bedrijfsleven. De Sociaal Economische Raad (SER) en de commissie Monitoring Topvrouwen (klinkt Big Brotherig) pleiten ervoor in twee adviezen die Minister Van Engelshoven (OCW) vandaag ontvangt. Goed nieuws maar wel controversieel. Niet iedereen is immers ‘vrouw’ en ‘top’.

Kort en goed. Het quotum betreft de raden van commissarissen van grote bedrijven. De raden van bestuur blijven vooralsnog buiten schot doen nog niet mee. Bedrijven met minder dan 30% vrouwen in de RvC moeten een dame vinden op het moment dat er een stoel vrijkomt. Is er geen vrouw voor handen, dan blijft de stoel leeg. De uitkomst moet zijn betere genderpariteit (of dat er steeds meer lege stoelen zijn – dat kan ook – totdat de RvC dan wel bestaat uit een enkele man of anders uit twee mannen en een vrouw).

Over de voor- en nadelen van het vrouwenquotum. Let ook op de opmerking over vrouwen die “zelf hun verantwoordelijkheid moeten nemen”. (Zie onder, vgl. Marianne Zwagerman)

Forceer de cultuurverandering

Het plan wordt o.a. gesteund door VNO-NCW. Het politieke draagvlak is vooralsnog echter onduidelijk, maar het quotum is wel serieus te nemen. De geesten zijn er blijkbaar rijp voor. Ik heb mij al eerder hard gemaakt voor een verplicht quotum (althans, een maatregel met tanden). Meer diversiteit is belangrijk én van deze tijd. Waar het dan vooral om gaat (of zou moeten gaan), is de diversiteit van meningen. In theorie kan een volstrekt homogene groep (witte man, blauwe pak, rode power tie) een ware plethora aan uiteenlopende, verrassende meningen hebben. Maar erg waarschijnlijk is dat in mijn ervaring niet. Het vrouwzijn is eigenlijk een proxy voor het vinden van verschillende soorten mensen, met – hopelijk – wezenlijk andere ideeën en perspectieven. Mannen en vrouwen verschillen immers, hebben andere ervaringen en zien de zaken dus vaak anders. Een groep met alleen maar mannen (of alleen maar vrouwen) kent een andere dynamiek dan een groep met ten minste een 70/30 ratio. Althans, dat heb ik me ooit laten vertellen. Het sluit op zich wel aan bij mijn eigen ervaringen; er wordt minder geboerd en het gaat niet alleen over voetbal (hoe het er bij een zuiver herengezelschap aan toegaat, weet ik niet). De hoop is dat met het openbreken van de top ook meer ruimte ontstaat voor andere minderheden (m.n. mensen met een kleurtje).

Welkom op de apenrots

Omdat eerdere, niet-bindende, pogingen tot betere diversiteit faalden, is het tijd voor het paardenmiddel (excusez le mot). Ik heb er niets op tegen om vrouwen op deze manier in de zetel te helpen – mits zijn daar vervolgens op eigen kracht kunnen blijven. Zelf maakt het me niet uit hoe ik aan de top geraakt. Als ik er eenmaal ben (op een dag zal het vast gebeuren!) dan bewijs ik me wel. En anders kunnen ze me alsnog wegsturen. Meer vrouwen (+ minderheden) is slecht voor bepaalde, middelmatige, doorgaans witte mannen. Zij zijn degenen die gaan zitten eikelen over de ‘excuus Truus’ en dingen zeggen als “ik ben tegen een quotum want vrouwen zijn geen vis”. Wat ik in de praktijk zie, is dat juist de alfamannen (zoals Hans de Boer van de werkgeversorganisatie) zich tegenwoordig inspannen voor verandering.

Een beter genderratio begint bij jouw (v) eigen carrière (maar…)

Tegelijkertijd word ik wel een beetje nerveus van de fixatie op de carrières van een paar honderd landgenotes. De grootste bijdrage die ikzelf zou kunnen leveren aan diversiteit is om weer bij de Big Four te gaan zitten, en dan keihard en rücksichtslos door knallen naar de top. Lekker cynisch, zeg maar, want dat past echt niet bij mij. De meeste vrouwen hebben helemaal niets aan een quotum op RvC-niveau. Dat geldt sowieso voor de vrouwen die drie verschillende flexbanen in de schoonmaak moeten stapelen om te overleven (in de topvrouwendiscussie is solidariteit meestal ver te zoeken). Daarnaast is er het klein-economisch grut. Marianne Zwagerman maakte een paar jaar terug stampij over vrouwen die een webshop hebben (want: geen carrière), maar in veel bedrijven zijn ook dames die ergens onderin of in het midden van de greasy pole bungelen.

Over wat het betekent om echt “carriere” te maken. Ik ben het hier wel mee eens, hoor – maar zie onder*.

Niet iedereen is topvrouw, maar dat wil niet zeggen dat het allemaal “mutsen” zijn die uit het “mutsenparadijs” moet ontsnappen. Sommigen ervaren wel degelijk (‘legitieme’) problemen met een seksistische ondertoon (worden niet serieus genomen, krijgen klote werk als ze terugkomen van zwangerschapsverlof, worden geconfronteerd met foute grappen). Ik weet niet wat de oplossing is maar er is een reden waarom vrouwen afhaken c.q. hun C-Suite potential door de deeltijdplee spoelen.

Mannen? Je kunt je er beter tegen samenspannen! 😉

Tot slot, mij valt op dat vrouwen soms hun eigen grootste vijand zijn en elkaar afvallen. Dat heet geloof ik het ‘krabbenmand-effect’: als een krabbetje uit de mand dreigt te klauteren, wordt ze genadeloos neergehaald door de jaloerse zusters. Er is geen enkele reden om te denken dat vrouwen gevrijwaard zijn van dezelfde culturele vooroordelen als mannen. Het is ontzettend belangrijk dat vrouwen niet in deze val trappen. N.B. – zeggen dat je “helemaal nergens last van hebt” tijdens de vergadering waarin vrouwelijke collega’s problemen bespreekbaar willen maken, valt eveneens onder dit kopje. Zeg dan liever: “Ik heb er niet zoveel last van, maar ik zie dat mijn collega’s wel tegen een probleem aanlopen en daar moeten we wat aan doen.”

En dames, wees in vredesnaam lief tegen seksegenoten – er is altijd wel iets om te prijzen. Bijvoorbeeld, (patriarchaat:) “Ze heeft de opdracht totaal verknald.” (jij:) “Dat is wel sterk, jij was er zelf bij. Daarnaast heeft ze hier veel van geleerd, de kans is groot dat het de volgende keer beter gaat.” Vrouwen krijgen vaak het advies dat ze zich omwille van hun loopbaan moeten “profileren”. Dat is lastig want het lijkt al snel op borstklopperij. Oplossing: elkaars zichtbaarheid vergroten (Vrouw A: “B is echt fantastisch, ze zou het niet snel zeggen, maar….”; even later, Vrouw B: “Heb je gehoord over het nieuwe succes van A? Het is helemaal top want…”)

Work Like a Woman

Zeker als jij de gelukkige bent, die met dank aan dat quotum de RvC in mag, is het gewoon niet OK om vanuit die positie af te geven op de “minions” (v/m). Bewijs jezelf lekker en vergeet niet dat diversiteit officieus tot jouw takenpakket behoort. O, en lees de geweldige Mary Portas!

We komen er wel.

* Sindskort ben ik ook ondernemer met een heuze compagnon en een bijna-opgerichte-BV (wordt binnenkort vervolgd…) Hoewel wij beslist de ambitie hebben van een beursnotering, gaat het enige tijd duren eer de eerste miljoenenomzet binnen is. Maar zodra we een RvC hebben, zal ik zorgen voor voldoende diversiteit.

***

Foto: portretten van vrouwelijke hoogleraren aan de Universiteit Leiden. Een mooi voorbeeld van hoe de zichtbaarheid van wetenschappelijke topvrouwen te verbeteren. Zie ook hier voor mijn eigen avonturen met de vrouwenstrijd op de uni.

About Anna Gunn

Fiscaliste met de specialisaties EU-belastingrecht en fiscale exotica. Geruime praktijkervaring met fiscale staatssteun.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *